orgelkas
De orgelkas stamt uit de voormalige
Observantenkirche te
Münster
(thans Evangeliche Universitätskirche).
Hierin bouwde Nicolaus Brunswick
in 1697 een tweeklaviers-orgel. Na de sluiting
van het observantenklooster in 1797 stond het orgel te koop.
In 1813 werd het door het kerkbestuur van de Onze Lieve Vrouwekerk
aangekocht.
Daarna
werd het diverse malen gerepareerd en uitgebreid door o.a. G.H.Quellhorst, J. Lohman, J.C.
Scheuer, C.F.A Naber en P.Maarschalkerweerd. In 1895 besloot men het
binnenwerk te vervangen.
Het
binnenwerk van het orgel werd gebouwd door Michaël Maarschalkerweerd
uit Utrecht, nadat Theodoor Heerkens en Mw. Heerkens- van Sonsbeeck
een vorstelijke schenking deden in 1895. Hun wapenschild siert de
orgelkas.
Het drieklaviers instrument bezit 38 stemmen en de tractuur is rein-pneumatisch.
Tractuur en speeltafel werden gemaakt door Carl Weigle uit Stuttgart.
Die had sinds 1890 het patent op dit systeem.
Een crescendokast op het Zwelwerk en een generaal crescendo over het
hele werk zijn een karakteristiek voorbeeld van dit orgeltype. Het
orgel bezit nog de oorspronkelijke dispositie.
In de periode 1975-1983
is het orgel geheel gerestaureerd door Vermeulen Orgelbouw Alkmaar.
In 2003 begon een uitgebreide
restauratie van de windvoorziening, schoonmaken en herintonatie dat naar verwachting in 2005 is afgerond.
